Is de dood aan een comeback bezig?
Of willen we er alleen maar vanaf een afstandje naar kijken?
De dood lijkt terug van weggeweest. In debatcentrum Pakhuis de Zwijger praten wetenschappers en politici deze week over wat een ‘voltooid leven' is; in films zoals We Live in Time en bijvoorbeeld de hit theatervoorstelling Boys & Girls laven we ons aan het drama van de dood; en ook het aantal uitvaartondernemers is in de afgelopen tien jaar met 67 procent gegroeid, vermeldt de KvK. Maakt de dood een rentree in ons dagelijks leven?
De collegezaal is bomvol. De studenten zijn gekomen voor de cursus Antropologie van de Dood over thema’s als de dood, (uit)sterven, rouw en verlies. ‘We rekenden op twintig, misschien dertig studenten’ vertelt Cultureel antropoloog en doodsonderzoeker Yvon van der Pijl. ‘Meer dan honderddertig studenten meldden zich aan. We moesten op zoek naar een grotere collegezaal. De dood leeft duidelijk onder deze jonge mensen.’
Is de dood ooit weggeweest dan? Niet weg, wel uit zicht geraakt. Van der Pijl vertelt in haar college over historicus Philippe Ariès, die beschreef hoe in de twintigste eeuw in Europa de dood uit ons midden verdween. Een betere gezondheidszorg zorgde voor een lagere kindersterfte en hogere levensverwachting. En als we dan ziek worden en sterven, doen we dat niet langer thuis maar achter de gesloten deuren van een ziekenhuis. Ariès sprak over een ‘verborgen’ of ‘verboden’ dood. We vergaten hoe de dood voelt, klinkt en ruikt.
Vanaf de eenentwintigste eeuw laten we de dood weer toe maar op afstand, bijvoorbeeld via de (social)media apps op onze smartphones. ‘Spectaculair’ noemt socioloog Michael Jacobsen onze huidige omgang met de dood, van het Latijnse specere, iets waar we naar kijken. Zoals we bijvoorbeeld met meer dan vier miljard mensen de uitvaart van Queen Elizabeth volgden op tv. Nieuwsberichten brengen een niet aflatende stroom van dood en verderf tot ons als gevolg van oorlogen, rampen en epidemieën. En we kijken naar voorbijrijdende kisten langs de snelweg, denk aan Pim Fortuyn en de slachtoffers van MH17.
Rommelig
In deze eeuw blijkt de dood ook een prima thema voor entertainment. In 2001 wordt de eerste aflevering van de Amerikaanse hitserie Six Feet Under uitgezonden. Vijf jaar lang volgde een miljoenenpubliek de besognes van de familie Fischer die met elkaar een uitvaartonderneming runnen: ‘De show ging niet voorbij aan de moeilijke momenten, maar liet in plaats daarvan elke rommelige, hartverscheurende en hoopvolle stap zien,’ schrijft journaliste Ariana Bacle over de impact van de gelauwerde serie. En in het echt? Wat als de dood dichterbij komt? Kunnen we de werkelijke pijn en het verdriet dat bij de dood komt kijken nog wel verdragen?
Dat vraagt ook gepensioneerd uitvaartondernemer Marjon Klaassen zich af. Ze zag in de afgelopen 25 jaar de trend ontstaan dat mensen het leven willen vieren al tijdens de uitvaart. ‘“We gaan er een feestje van maken” zeggen nabestaanden dan. Dat kan mooi zijn, maar is dat de functie van een uitvaart? Er is bijna altijd op zijn minst ook pijn, woede, frustratie en verdriet. De uitvaart is een kans om bij dat gevoel te komen. Dan moet je dat wel toe durven laten.’
Klaassen herkent wel iets in het ‘spectaculaire’ aspect van onze tegenwoordige omgang met de dood. ‘Foto’s bijvoorbeeld zijn nu een standaard onderdeel van een uitvaart. Je creëert daarmee wel dat mensen gaan zitten kijken alsof ze in de bios zitten. "Oh leuk, even kijken of tante Jannie nog voorbij komt.” We hebben in de afgelopen jaren iets gewonnen doordat uitvaarten persoonlijker zijn geworden en we hebben ook wat verloren. Vroeger werd bijvoorbeeld in kerkelijke diensten veel gezongen’, vertelt Klaassen. ‘Samen zingen zorgt voor verbinding en brengt je dichter bij je gevoel. Dat gebeurt nu niet meer. Zijn er überhaupt nog liedjes die iedereen mee kan zingen? Lang zal ze leven?’
Betekenis
Als we de dood niet willen voelen, waarom willen we er dan wel naar kijken? Filosoof Zygmunt Bauman is redelijk stellig: ‘Zonder sterfelijkheid, geen geschiedenis, geen cultuur, geen menselijkheid.’ Wij mensen weten dat we op een dag dood gaan en daar moeten we iets mee. Filosofen als Zygmunt Bauman zien het besef van onze sterfelijkheid als de drijvende kracht achter ons bestaan. De dood verbergen zou betekenen dat we die kracht, datgene wat het leven betekenis geeft, verliezen.
Hoe brengen we de dood dan weer dichterbij? De studenten in de cursus Antropologie van de Dood doen een poging. ‘We gaan allemaal dood’ zegt Aisha (21) ‘maar daar hebben we het nooit over. Dat vinden we ‘ongezellig.’ Maar over de dood praten, maakt je bewust van wat je op een dag gaat verliezen, waardoor je dankbaar kunt zijn voor wat je nu hebt.’
Is de dood aan een comeback bezig? Er is ontegenzeggelijk meer aandacht voor het onderwerp in de media, kunst en cultuur, onze publieke ruimte en de wetenschap. De vraag is hoe dichtbij we de dood werkelijk laten komen. Misschien iets om tijdens de paaslunch te bespreken?
PS, het laatste beeld is met AI gegenereerd met de prompt ‘vrolijke skeletten aan een paaslunch’ ;)





Stof tot nadenken. Voor nu verheug ik me op het paasontbijt....!
Moeten we een voorbeeld nemen aan andere culturen en ons gaan leren verheugen op het hiernamaals?